Stille pasen

(Naar: ‘Herfst’ van Jan Wolkers)

De stilte na de twijfel is zo stil
het zeker weten langzaam uitgedoofd
mijn woorden koel en malende gedachten kil
van eeuwige aanwezigheid beroofd.

Als ook het laatste sprankje dooft
gebeden voorgoed zwijgen, tegen wil en dank
het laatste twijgje hoop verdooft
worden de volste dromen ijl en stil.

Mijn God die mij verlaten hebt, blaas in
die laatste gloed met zachte wind
de hoop tot leven dat ik weer vind.

O houten kruis, geronnen bloed
dat brandend ons een eeuwig teken is
dat in die zwarte stilte ik ontmoet.

©Judith Overbeek-Reinders, maart 2016